Michel wilde weten wat ik hier wil leren. Meer mensen vragen zich dat af. En soms weet ik het ook niet eens. Wat ik weet is dat ik een drijfveer heb die me de hoek in drijft van het buitenlandcorrespondentschap en het werken in oorlogsgebieden. ‘Maar veel oorlog, zul je hier niet vinden’, kreeg ik als respons. Dat weet ik ook wel, maar wat ik niet weet is wat ik wil leren. Wat ik niet weet is hoe het is om zo lang van huis te zijn. Wat ik niet weet is om voor een dikke poos niet in je vertrouwde kring van vrienden en familie te verkeren. Wat ik niet ken is om ’s nachts met een gevoel van totale eenzaamheid niet in slaap te kunnen vallen.
Maar dat leer ik nu.

Wat ik niet weet is hoe het zoeken van onderwerpen werkt in een buitenland. Het nieuws ligt op straat, dat is wat zij ons leren. Dat klopt. Maar in welke Indonesische straat zijn we in Nederland precies geïnteresseerd?  In welke straat, die op een doodnormale dag niet verwoest is door bommen of bevingen, moet ik beginnen? Ik kan zo tien onderwerpen noemen, maar geen daarvan zullen in Nederland kijkers trekken buiten de bovengemiddeld geïnteresseerden. Je hebt nou eenmaal nieuws en afnemers.
Maar dat leer ik nu.

En dan als je klaar bent, ga je dan bij een omroep werken? Vooralsnog ga ik dartpijltjes gooien op een kaart van de oorlogswereld met Martin. En dan kiezen we een gebied, en dan vragen we subsidie aan. Zoiets.
Maar dat leer ik nog niet.

Vraag een klein kind wat hij wil worden en het antwoord is politie. Of brandweerman of prinses. Mijn drang is te vergelijken met die van een kinderwens. Het is gebaseerd op verlangens en een gevoel van bestemming. Niet op haalbaarheid of op een toekomstvisie. Want wat als ik daar dan eenmaal ben? Dan ben ik daar. En dan? Brandweerman of Prinses, zeg ik dan.

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.